Het uitvoeringsprogramma voor 2019

Een bergbeklimming. Dat is de metafoor die het Transitieteam Circulaire Bouweconomie gebruikt om het proces te omschrijven dat moet leiden tot een honderd procent circulaire bouweconomie in 2050. ‘We willen naar de top, maar we kennen de route nog niet precies.’ Om de metafoor door te trekken: aan de hand van de vier speerpunten in het Uitvoeringsprogramma Circulaire Bouweconomie, (1) marktontwikkeling, (2) meten, (3) beleid, wet- en regelgeving en (4) kennis & bewustwording, bevat deze bijlage de route die in 2019 zal worden afgelegd.


Bij de uitvoering is een belangrijke rol weggelegd voor het Transitiebureau Circulaire Bouweconomie: het houdt de vinger aan de pols, zorgt voor afstemming tussen alle betrokken partijen, initieert indien nodig aanvullende en/of ondersteunende activiteiten en draagt zorg voor de monitoring en (eventueel) bijstelling van de geformuleerde doelen.

SPEERPUNT 1: MARKTONTWIKKELING
1: een eerste serie innovatieve producten en diensten voor circulair bouwen

De ontwikkeling van een eerste serie innovatieve, en circulaire, producten en diensten is al in volle gang. Het Versnellingshuis is een samenwerkingsverband van bedrijfsleven en overheid om circulaire initiatieven mogelijk te maken en/of op te schalen. Om toepassing te stimuleren is het van belang dat reeds beschikbare producten en diensten goed vindbaar zijn. Dat gebeurt al via sites als www.circulairondernemen.nl. Gericht op de GWW-sector, hebben ook Rijkswaterstaat en Infra Innovatienetwerk sites ontwikkeld. Producentenverantwoordelijkheid betekent dat producenten en importeurs (mede) verantwoordelijk zijn voor de kosten en effectiviteit van het afvalbeheer van de producten die zij op de markt brengen. Met de ontwikkeling van producentenverantwoordelijkheid voor gevels, loopt de gevelbouwersbranche voorop. Om vraag en aanbod van professionals naar circulaire bouwmaterialen bij elkaar te brengen, zijn inmiddels een aantal online Bouwmarktplaatsen opgestart en in ontwikkeling. Voorbeelden zijn het Circulair Building Platform (CBP), www.oogstkaart.nl, www.gebruiktebouwmaterialen.com, www.resourcestore.nl enwww.insert.nl.

Het Rijk neemt het voortouw om te onderzoeken hoe het circulair aanbod met stimulerende maatregelen groter kan worden gemaakt. Zo worden de tarieven van de afvalstoffenbelasting op storten en verbranden verhoogd en bestaande regelingen als de MIA/Vamil toegankelijker gemaakt voor circulaire projecten. Voor gebouwen maken marktpartijen nu al afspraken over de inzet van instrumentarium als BREEAM en GPR om conventioneel bouwen moeilijker te maken dan circulair bouwen. En de BNA maakt het witboek circulaire gebouwen, met een overzicht van inspirerende voorbeelden voor opdrachtgevers en stakeholders. Het Actieplan Bos en Hout is een initiatief van een groot aantal spelers in de bos- en houtsector dat de duurzame bijdrage van de sector aan de biobased economie een boost moet geven.

2: een concrete vraag naar circulaire producten en diensten, bijvoorbeeld in overheidsopdrachten

De vraag van (semi)overheden naar circulaire producten en diensten blijft nog achter bij het aanbod. Alle overheidsorganisaties zorgen er voor dat al hun uitvragen in de bouweconomie binnen afzienbare tijd circulair zijn, waarna vanaf 2030 alle aanbestedingen op dit gebied circulair zijn. De contractvormen zullen hierop aansluiten. Als grote opdrachtgevers en beheerders van vastgoed en infrastructuur willen en kunnen het Rijksvastgoedbedrijf, ProRail en Rijkswaterstaat daarbij een voorbeeldrol vervullen. Onder de vlag van de Green Deal Duurzaam GWW, is de praktische Aanpak Duurzaam GWW ontwikkeld die duurzaamheid in GWW-projecten concreet maakt zonder vooraf voor te schrijven hoe de duurzaamheidswinst behaald wordt. De waterschappen zijn actief bezig met het inzetten van de Aanpak Duurzaam GWW en MVI (Maatschappelijk Verantwoord Inkopen). Het Opdrachtgeversforum in de Bouw heeft circulariteit en circulair inkopen als een van haar aandachtspunten aangewezen.

Binnen Maatschappelijk Verantwoord Inkopen (MVI), een instrument om gewenste maatschappelijke ontwikkelingen te stimuleren via inkoop, is circulair inkopen één van de belangrijke thema’s. Alle overheden hebben de ambitie om met circulair inkopen in 2021 een besparing te realiseren van 1 Mton CO2 in 2021. Er wordt een verkenning uitgevoerd naar een revolverend fonds waarmee terug te verdienen aanloopkosten van circulair inkopen gefinancierd kunnen worden. Met gemeenten, provincies en waterschappen wordt gewerkt aan het toepassen van CO2-schaduwbeprijzing om circulair en klimaatvriendelijk inkopen te stimuleren. Daarnaast worden een aantal experimentele opschaaltrajecten uitgeprobeerd en worden nieuwe pilots van overheden ondersteund. Er komt een Rijksbreed Transitieplatform waarin kennis en ervaring over het formuleren en monitoren van transitiedoelbereik en inkoopkracht worden verworven en gedeeld. Vanaf komend najaar organiseert PIANOo de Circulair Inkopen Academy 2018-2019, die deelnemers leert om circulaire principes toe te passen op hun inkoop- en aanbestedingsprocessen.

3: nauwkeurige kennis en een plan van aanpak om CO2-uitstoot in bouw in 2030 te halveren en in 2050 geheel uit te bannen

De circulaire agenda levert een belangrijke bijdrage aan de reductie van CO2 bij de winning, productie en het transport van materialen in de bouw. De Bouwagenda wil komen tot een ambitieus vernieuwingsprogramma voor de bouwsector waarin de uitdagingen op het gebied van energie, klimaat en grondstoffen vooropstaan. Binnen de verschillende ‘klimaattafels’ wordt circulair Bouwen beleidsmatig gekoppeld aan CO2-reductie.

4: een plan om de verduurzaming van de woningvoorraad en één miljoen extra woningen in tien jaar zo circulair mogelijk uit te voeren

Dit wordt samen met De Bouwagenda opgepakt. Onderzoek moet uitwijzen hoe circulair bouwen tot CO2 -reductie kan leiden. Circulair maakt deel uit van de Nationale Woonagenda 2018-2021 van Aedes, Bouwend Nederland, IVBN, NEPROM, NVB-Bouw, NVM, Vastgoed Belang, Vereniging Eigen Huis en de Woonbond. De Bouwagenda en de Rijksoverheid ontwikkelen samen de renovatieversneller die, met circulair bouwen als onderdeel, de optimale condities creëert voor een zelfdragende markt voor energierenovaties.

5: voldoende prikkels voor R&D, experimenten, prototypen en concrete projecten

Er is al een beperkt aantal marktspelers die voor de realisatie van hun circulaire projecten verschillende ondersteuningsmaatregelen weten te vinden. Overheden en marktpartijen onderzoeken gezamenlijk welke verdienmodellen inzetbaar zijn voor welke productcategorieën of specifieke omstandigheden. Er komt een verkenning naar problemen van en oplossingen voor circulaire ondernemers om financiering te verkrijgen doordat zij meer kapitaal op de balans hebben, bijvoorbeeld bij een ‘product-as-a-service-model’. In de vorm van achtergestelde leningen of directe participatie, financiert Invest-NL kansrijke maar risicovolle projecten.De TKI-Urban Energy kijkt op welke wijze circulariteit kan worden meegenomen in hun tenders van 2019. Overheden, kennisinstellingen en brancheverenigingen in de bouw- en technieksector bundelen de krachten in het Bouw en Techniek Innovatiecentrum (BTIC).

SPEERPUNT 2: METEN
6: gemeenschappelijke taal en instrumenten om circulariteit in projecten te duiden en te meten

Er zijn diverse marktspelers die zich bezig houden met de meetbaarheid van circulariteit en met tools als een materialenpaspoort. Zo werkt binnen platform CB’23 een actieteam aan afspraken rondom harmonisatie van het materialenpaspoort. Om versnippering van technieken, tools en meetmethoden te voorkomen, is regie nodig. Uiterlijk in 2020 wordt een besluit genomen over een verplicht materialenpaspoort. Rekening houdend met de verschillende definities die er bestaan over afval en waar relevant in samenspraak met het Rijksbrede Uitvoeringsprogramma, nemen overheidspartijen op alle schaalniveaus het voortouw door de meerwaarde van de systematiek te verkennen in projecten en pilots. Via RVO.nl lopen een aantal verkennende trajecten zoals een inventarisatie van de omgeving, waaronder ook de Europese ontwikkelingen op dit gebied.

SPEERPUNT 3: BELEID, WET- EN REGELGEVING
7: geen remmende, wel stimulerende wetten en regels

In aanvulling op het opzetten en aanpassen van beleid en wet- en regelgeving met betrekking tot de circulaire bouw door de overheid, is er bij marktpartijen behoefte aan herziening van (technische) normen. Daarnaast wordt er binnen de circulaire bouweconomie al ingezet op het verstevigen van connecties binnen verschillende productieketens, teneinde circulariteit te bevorderen. De Stichting Bouwkwaliteit (SBK) schrijft een advies voor het inzetten van bouwregelgeving voor circulair bouwen. Vanwege de omvang en complexiteit van het afvalvraagstuk, is een Taskforce Herijking Afvalstoffen ingesteld die een nieuw, circulair wetgevings- en handhavingskader ontwerpt dat naadloos aansluit op de nieuwe Omgevingswet. Afstemming en aansluiting tussen de verschillende transities (aardgasvrij, energie, klimaat en circulair) en transitieagenda’s (bouw, maakindustrie en kunststoffen) is noodzakelijk. Opdrachtgevers, producenten en overig bedrijfsleven in de betonbranche hebben in de zomer van 2018 het Betonakkoord getekend dat bijdraagt aan het verminderen van de CO2-uitstoot. Er is een challenge uitgeschreven voor circulair beton. BRBS, TNO en BTIC werken samen om via ‘cirkelprojecten’ voor tien tot vijftien materiaalstromen de kringloop te sluiten. Cirkelstad is een platform voor (koplopers in) de circulaire bouwsector om, inclusief beleid, ervaringen te delen. Momenteel zijn er 14 cirkelsteden actief waarbij circa 175 partijen zijn aangesloten.

8: internationale positionering en samenwerking

De nationale economie is nauw verbonden met de wereldwijde economie. Nederlandse bedrijven opereren vaak over de landsgrenzen heen en veel grond-stoffenketens en afvalstromen zijn internationaal georganiseerd. Het Rijk zet zich in voor een ambitieus Europees beleid op het gebied van circulaire economie, waarbij belemmeringen in Europese regels worden weggenomen en de juiste marktinstrumenten worden ingezet om de transitie een impuls te geven.

SPEERPUNT 4: KENNIS EN BEWUSTWORDING
9: kennis, ervaring en instrumenten bij voldoende en de juiste mensen in de totale bouwketen

Er is een groot aantal projecten dat zich bezig houdt met kennisontwikkeling op het gebied van circulariteit in de bouwketen. Het is de bedoeling dat er in 2023 op alle onderwijsniveaus en -richtingen aandacht is voor circulair bouwen. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor de BNA Academie, het opleidingscentrum voor architecten en andere ontwerpers, en voor de nieuwe MBO- opleiding(module) duurzaamheidstechnicus, die op de agenda is gezet in het kader van het Bouwagenda- thema Human Capital.

Het Kennisinstituut Circulair Bouwen, zoals dat in de transitieagenda wordt genoemd, krijgt vorm in een keten van kenniscentra, die op basis van de behoefte van de markt werken en ‘lerend evolueren’ en ‘netwerk gestuurd handelen’ als leidende principes hebben. Overheden, kennisinstellingen en brancheverenigingen in de bouw- en technieksector hebben de krachten gebundeld om een Bouw en Techniek Innovatiecentrum (BTIC) op te richten. Gekoppeld aan De Bouwagenda wordt gewerkt aan een innovatieprogramma voor de hele bouwsector.

10: begrip, draagvlak, herkenbare voordelen, bewustwording

De transitie naar een circulaire economie is niet alleen een technische, maar vooral ook een maatschappelijke verandering. Een breed maatschappelijk eigenaarschap bij burgers, bedrijven, overheden en andere organisaties is daarbij van belang. Communicatie is een van de instrumenten om de beoogde gedragstransitie en het benodigde draagvlak te optimaliseren: medio 2019 gaat een landelijke campagne van start die aanzet tot concreet gedrag dat bijdraagt aan klimaatverbetering. Er is onderzoek nodig naar de meerwaarde van circulair bouwen, niet alleen op het gebied van milieu, gezondheid, comfort en veiligheid maar ook op het gebied van productiviteitsstijging, werkgelegenheid, (internationale) concurrentiepositie en CO2-reductie.

Het transitieteam stelt voor om reeds bestaande aanjaagteams beter in te zetten voor de verspreiding van pre-concurrentiële kennis naar de uitvoerders van praktijkprojecten. Circulair Friesland kent een aanjaagteam dat die beweging ondersteunt. Dat geldt ook voor de Alliantie Cirkelregio Utrecht, een samenwerkingsverband tussen verschillende regionale partijen die samen toewerken naar een circulair georganiseerde regio, en natuurlijk ook voor de eerder genoemde Cirkelstad. Het transitiebureau speelt ook een sleutelrol bij het bekendheid geven aan de circulaire bouweconomie en de onderliggende agenda, door de belangrijkste sectoren in de bouw te informeren.

THEMA: HUMAN CAPITAL
11: uitgewerkte opvattingen over sociaal-innovatieve arbeidsorganisaties

Dit thema wordt uitgewerkt binnen het thema ‘Human Capital’ van De Bouwagenda.