Circulaire woningbouw
Zeven circulaire sociale woningen opgeleverd in Twente
18 januari 2021
HAUT
‘Innoveren in de bouw moet zonder tunnelvisie’
26 januari 2021

ICER: Dit is de stand van zaken in de transitie naar een circulaire economie

Circulaire economie

ICER: Dit is de stand van zaken in de transitie naar een circulaire economie

Verschillende grondstoffentrends gaan niet de goede kant op. Voor de Nederlandse consumptie is in de productieketens wereldwijd steeds meer land nodig. En naar verwachting worden 6 van de 7 nationale doelen voor afval niet gehaald. Dit staat in de eerste Integrale Circulaire Economie Rapportage (ICER) van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL).


Categorie: Nieuws Nieuwsbrief
Door: redactie, 21 januari 2021

De efficiëntie in het gebruik van grondstoffen nam wel toe, maar het totale grondstoffengebruik veranderde sinds 2010 nauwelijks. De leveringsrisico’s voor de Nederlandse economie nemen daarom toe, in het bijzonder voor kritieke metalen.

Dwingender beleid

Gelet op de forse ambities van de overheid om in 2050 een volledig circulaire economie te hebben, is er volgens het PBL meer dwingender beleid nodig. Daarbij is te denken aan heffingen, regulering en normstelling. Zo moet milieuschade verrekend worden in de prijzen van producten en diensten. Maar wet- en regelgeving mag circulaire initiatieven niet benadelen. Dit vraagt ook om actie op Europees niveau.

Basis naar circulaire economie

De Nederlandse overheid legde de afgelopen jaren samen met andere partijen de basis voor de overgang naar een circulaire economie. Tot nu toe is vooral ingezet op brede samenwerking tussen publieke, private en maatschappelijke partijen en het stimuleren en faciliteren van circulaire initiatieven.

Voorbeelden hiervan zijn kennisontwikkeling en vrijwillige afspraken, zoals het Betonakkoord en het Plastic Pact. Het kabinet geeft daarnaast aan wat de belangrijkste instrumenten zijn om de overgang naar een circulaire economie te versnellen: producentenverantwoordelijkheid, wet- en regelgeving, marktprikkels, monitoring, kennis en innovatie.

Recycling en reparatie

Het aantal circulaire bedrijven is nog klein en het aandeel circulaire bedrijven in de totale Nederlandse economie is in de afgelopen jaren afgenomen. Het overgrote deel van de bedrijven met een circulaire aanpak richt zich op reparatie, recycling en hergebruik, en was hierop al actief vóórdat sprake was van een beleid voor circulaire economie. Denk aan garages en kringloopwinkels. De huidige innovatieve bedrijven, startups, wetenschappelijk onderzoek, subsidies en projecten gericht op de circulaire economie zijn voor het grootste deel technologisch van aard en gericht op recycling.

RVO: goede resultaten in onderwijs

RVO analyseerde voor de ICER welke circulaire projecten in Nederland ondersteund worden door landelijke en Europese subsidies en fiscale regelingen in de jaren 2015 tot en met 2018 en hoeveel geld daarmee gemoeid is. Daarnaast onderzocht RVO welke regelingen de provincies inzetten voor het stimuleren van de circulaire economie en hoe groot de aandacht voor circulaire economie in het hoger onderwijs is.

Het aanbod aan circulair onderwijs in Nederland is ruim, zeker op HBO- en WO-niveau, en neemt ook toe tussen 2015 en 2019. Op wereldschaal behoort Nederland samen met Finland tot de top. Het aanbod online cursussen CE vanuit Nederland is verrassend groot, 27 stuks. Daarmee kunnen ook buitenlandse studenten profiteren van de sterke positie van het circulair onderwijs in Nederland.

Download rapport Monitoring Circulaire Economie Provincies en onderwijs

Rapportage ICER

De tweejaarlijkse Integrale Circulaire-Economie Rapportage (ICER) geeft de stand van zaken weer van de overschakeling naar een circulaire economie in Nederland. Het rapport bevat handreikingen voor het kabinetsbeleid. Het beschrijft de acties van maatschappelijke partijen en de interventies van de overheid. Het geeft een beeld van het Nederlandse grondstoffengebruik en de daaraan verbonden effecten.

De ICER komt tot stand in samenwerking met het CBS, Centrum voor Milieuwetenschappen (Universiteit Leiden), Copernicus Institute (Universiteit Utrecht), CPB, RIVM, RVO, RWS en TNO. Al deze instellingen dragen bij aan het meerjarige Werkprogramma Monitoring en Sturing Circulaire Economie, dat wordt geleid door het PBL.

Download Integrale Circulaire Economie Rapportage 2021

Meer weten?