‘Een 100% procent circulaire bouweconomie gaat er komen, de enige vraag is: hoe snel?’
7 april 2019
‘In het jaar waarin Heijmans 100 jaar bestaat, 2023, is ons aanbod 100% circulair’
11 april 2019

‘Verduurzaming gaat sneller als materialenindustrie eerder en als echte partner wordt betrokken in het bouwproces’

'Verduurzaming gaat sneller als materialenindustrie eerder en als echte partner wordt betrokken in het bouwproces'

Met negen aangesloten verenigingen, kan de Nederlandse Vereniging Toeleverende Bouwmaterialenindustrie (NVTB) met recht worden beschouwd als de koepel voor de Nederlandse bouwmaterialenindustrie. Afgelopen zomer schreef de organisatie in een brief aan Staatssecretaris Van Veldhoven dat ‘circulariteit geen juiste indicator is voor milieubelasting’. ‘Dat de term circulariteit stijgt in populariteit, komt door gebrekkige definities en het ongenuanceerd gelijkstellen van grondstoffen met schaarse grondstoffen. Circulariteit is nog te theoretisch en voor lang-cyclische producten zoals bouwwerken nog niet goed uitontwikkeld.’


Categorie: Achtergrond
Door: redactie, 10 april 2019

De kritische brief neemt volgens NVTB-voorzitter Titia Siertsema niet weg dat de bouwmaterialenindustrie al behoorlijk duurzaam dan wel circulair is. Sterker nog: het geeft de koepelorganisatie extra recht van spreken. “Via verschillende stromen gaat bouw- en sloopafval voor 98 procent terug de keten in. 98 procent! Door ons opgericht, werken onze leden bovendien al sinds 1999 met de Nationale Milieu- Database (NMD) waarin Milieu Relevante Product Informatie (MRPI) over bouwproducten is opgenomen. Al die opgedane ervaring en kennis nemen we mee in Bouwagenda-verband, waar we actief aan deelnemen, en kwam vorig jaar ook van pas bij de totstandkoming van de Transitieagenda Circulaire Bouweconomie.”

Nieuwe verdienmodellen

In de visie van de NVTB staat dat ‘efficiënter, klantgerichter, beter en duurzamer kan worden gebouwd als de toeleverende bouwmaterialenindustrie eerder en als echte partner wordt betrokken in het bouwproces’. Siertsema: “De innovatiekracht van onze leden wordt nog niet genoeg benut. Dat steekt wel eens. Prima dat de ‘milieuprestatieberekening van gebouwen’ (MPG) de norm lijkt te worden, maar wij hebben al bijna twintig jaar ervaring met de MRPI-systematiek. De bouweconomie kan pas echt circulair worden, als je het eerst met elkaar eens bent over de definities, de normen en de meetmethoden. In die fase bevinden we ons nu nog.”

‘De innovatiekracht van onze leden wordt nog niet genoeg benut. Dat steekt wel eens’

Circulair bouwen, benadrukt Siertsema, is geen doel op zich, maar een middel om de klimaatdoelen te halen waar Nederland zich aan heeft geconformeerd. “Natuurlijk leidt de circulaire economie tot nieuw verdienmodellen, maar als ik naar de brancheorganisaties kijk die bij ons zijn aangesloten zit er niet één tussen waarvan ik zeg: die heeft geen toekomst. Wat is er niet circulair aan dakpannen en bakstenen die worden gebakken van klei die vrijkomt bij het uitdiepen van rivieren? Staal idem dito: er is inderdaad ijzererts nodig om het te produceren, maar staal gaat heel lang mee en kan eindeloos worden hergebruikt.”

Goede communicatie

Namens haar vorige werkgever, UNETO-VNI, was Siertsema betrokken bij de totstandkoming van het Energieakkoord. “Wat me toen opviel, valt me nu weer op: goede communicatie is essentieel. Alle betrokken partijen moeten niet alleen de gelegenheid krijgen om hun eigen geluid te laten horen, maar het ook kunnen opbrengen om goed naar de anderen te luisteren. Zoals een keuze tussen zonne-energie en windenergie ook niet nodig is, ben ik ervan overtuigd dat er geen keuzes hoeven te worden gemaakt tussen bouwmaterialen. Er hoeft niets te worden uitgesloten. Er gebeurt al heel veel en er is dankzij de innovatiekracht van de bouwmaterialenindustrie nog heel veel mogelijk, op weg naar een honderd procent circulaire economie.”

Tags: